PlaceholderIk ging met Zijne Kleine Koninklijke Hoogheid (ZKKH) naar het Amstelpark. Hij reed op zijn step een eind voor mij uit. Het was aardig weer en wij hadden eens flink zin om in de speeltuin te gaan spelen. En chocolademelk te drinken. En ijs te gaan eten.

Het Amstelpark heeft een brede ingang, die voor het grootste deel wordt geblokkeerd door een slagboom. Naast de slagboom is een smalle doorgang voor de voetgangers. Die werd op zijn beurt versperd door een welgevormde dame in een stemmig grijs mantelpak.

“U komt afscheid nemen van Wouter?”
Haar intonatie was tachtig procent constatering en voor alle zekerheid twintig procent vraag.

ZKKH was al doorgelaten, maar mij werd de doorgang belet. Ik heb geen bezwaar om te worden tegengehouden door welgevormde dames in stemmige outfit en dus probeerde ik het moment te rekken. Na een tijdje kwam ik er niet onderuit om toe te geven: “Ik ken geen Wouter… Hoezo?”
“O, u zag er wel uit alsof u Wouter kende.”
Achter mij stond een man van mijn leeftijd te dringen die uitriep: “Ik wel!”
Dat soort uitslovers mensen heb je altijd. Die dan wél een Wouter kennen.

Ik probeerde nog wat te dralen door te zeggen dat ik best even afscheid van Wouter wilde nemen als zij dat graag wilde, ik ben tenslotte de beroerdste niet. Dan kon ik meteen even zien of ik hem misschien tóch ergens van kende. Maar ik was al afgekeurd voor Wouter en moest mocht doorlopen.

Ik vond het trouwens een beetje eigenaardig om iedereen die het Amstelpark binnenliep te gaan vragen of hij afscheid kwam nemen van Wouter. Er zijn tenslotte nog een heleboel andere dingen te doen in dit park. Zoals poffertjes eten, glijbanen glijden, treintje rijden en wipkippen wippen.
Wél begreep ik inmiddels dat de arme Wouter lag opgebaard in een van de gebouwtjes bij de entree.

Lees ook:
Jippie-a-jee!

Ik haastte mij om ZKKH in te halen, die verderop een extreem lange roze limousine stond te bewonderen. Deze was waarschijnlijk voor een trouwpartij aan de andere kant. In het Amstelpark worden de uitersten niet geschuwd.
Toen ik weer bij hem was vroeg ik: “Zeg, ken jij ene Wouter?”

(98 keer gelezen)

 

Download PDF

4 Reacties

  1. Henk van S tot S Beantwoord

    Volgens mij was die vrouw lichtelijk in de war en had ze net een van haar oude boeken gelezen en kon ze dit
    http://vanderkrogt.net/standbeelden/Foto/NH/NH04ab.jpg
    standbeeld niet vinden

    Wel frappant dat ze de in de”eveneens in de war zijnde Woutertje (Pieters) van Multatuli zoekt:

    “Woutertje Pieterse is een dromerig en fijngevoelig jongetje. Hij groeit op in een eenvoudig Amsterdams milieu, met zijn oudere broer Stoffel, die onderwijzer is, en drie oudere zussen. Zijn moeder heeft altijd gevonden dat er niets van Wouter terecht kan komen. Wouter doet intussen juist vreselijk zijn best om te voldoen aan de eisen van zijn omgeving, maar doordat hij in zijn onschuld nooit doorheeft welke merkwaardige kanten en dubbele bodems die eisen hebben, mislukt eigenlijk altijd alles. Alleen Leentje, de dienstmeid, laat hem in zijn waarde. In zijn fantasieën en dromen creëert Wouter een betere wereld, waarin hij gelukkig kan zijn; hij is in de ban van ridderverhalen, zoals over roverhoofdman Glorioso, die ‘zijn ziel doen opstijgen naar onbekende verten’. Ook het meisje Femke en het gezin van dokter Holsma laten hem een andere, mooiere kant van de werkelijkheid zien.”

    N.B.
    Nog even wachten met voorlezen aan ZKKH

  2. Ik dacht even: heb ik wat gemist? Is Wouter Bos dood?
    Amstelpark, voor al uw bruiloften en partijen…

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe jouw reactie gegevens worden verwerkt.